1 februari 2013

Hiphopfotograaf












Allysa Stotijn, Postman
(foto Joris Kalma)


Hij staat nog maar aan het begin van zijn carrière, maar een vergelijking met een van Nederlands bekendste fotografen Anton Corbijn dringt zich op. Ook die was als Zeeuwse jongen zelfverzekerder met een camera dan zonder. Ook die fotografeerde zijn favoriete muzikanten, net als Joris Kalma uit Leeuwarden.
In het dagelijks leven is Joris Kalma (24) een wat verlegen jongen. Maar als hij ‘een camera voor zijn hoofd’ heeft, weet hij wat hij wil. Dan durft hij meer en wijst soms muzikanten terecht. ‘Ik weet dan wat ik kan. Ze moeten dan gewoon doen wat ik zeg.’
En het zijn niet de minsten die hij voor zijn lens krijgt. Pete Philly, Brainpower, Kraantje Pappie, Postman, The Proov. Allemaal hiphop-artiesten, meest mannen. Sommigen zien er vervaarlijk uit en bezigen stevige teksten. Wie Joris ziet, zou kunnen denken dat ze hem zomaar wegblazen. Als een pluisje. ‘Het lijken wel macho's’, geeft Joris toe. ‘Maar de meesten zijn aardig, je kunt een gewoon gesprek met ze beginnen.’
Joris houdt van hiphop, hij ging al veel naar concerten. Toen hij de opleiding photonica in Drachten deed, nam hij steevast zijn camera mee. Toen Houseofhiphop.nl vrijwilligers zocht die voor de site foto's wilden maken, meldde Joris zich dan ook aan. Als fotograaf kwam hij zo dichterbij het podium en meer achter de schermen. House of Hiphop regelt nog wel eens afspraken voor hem, maar tegenwoordig benadert hij artiesten veelal zelf.
Met een serie over Pete Philly en Perquisite won hij op school een Fotonica-Award. Ook het portret van Kraantje Pappie met een schuurmachine is uit zijn beginperiode. ‘Ik vroeg hem waar hij veel tijd doorbrengt en hij zei ‘op kantoor’. Daar wilde ik hem fotograferen, maar hij was aan het verbouwen. Toen heb ik hem zover gekregen dat hij daar voor me poseerde.’
Portretten schiet Joris meestal na de concerten. ‘Dan hebben de muzikanten tijd.’ Maar het liefst gaat hij langer met ze op stap. ‘Ik benader ze nu met de vraag of ik een dag met ze mee mag. Dat is leuker voor de variatie en geeft meer diepgang.’ Zo mocht hij met The Proov naar de studio en trok hij een dag op met Postman.
Zijn foto's zijn digitaal geschoten en hij houdt ervan ze te bewerken. Voegt veel contrast en scherpte toe, verandert de kleuren of laat die (grotendeels) weg. ‘Elk onderdeel van de foto bewerk ik apart: T-shirt, gezicht, pet.’ Dat omzetten naar zwartwit is soms noodzakelijk, vindt Joris. ‘Vooral zalen met led-licht zijn vreselijk. Dan krijg je een kleurzweem over de artiesten die je er moeilijk uit kan halen in de nabewerking.’
Als hij fotografeert staat Joris bovenop zijn onderwerp. Hij gebruikt geen toeters van lenzen, houdt daarom van kleine zalen waar je dicht bij de artiesten kunt komen. ‘Zoals Simplon in Groningen of de Melkweg in Amsterdam.’
Hij heeft nu een fotoboek samengesteld, een portfolio waarmee hij de wereld wil laten zien wat hij kan. Precies drie jaar reisde hij het hele land door van concert naar concert. ‘De laatste (jongste) foto is ook van Pete Philly. Dat vind ik leuk, de cirkel is zo rond.’

(Dit verhaal verscheen maandag 28 januari in de Leeuwarder Courant)

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen