Posts tonen met het label kunstruimte Wagemans. Alle posts tonen
Posts tonen met het label kunstruimte Wagemans. Alle posts tonen

18 oktober 2013

Nogmaals 'Art Fairs'














(foto Dolph Kessler)

Wanneer is iets kunst? Dat is een vraag waarover kunstenaars en publiek behoorlijk in discussie kunnen gaan. Fotograaf Dolph Kessler draagt met 'Art fairs revisited' een steentje bij.

In 1998 exposeerde Tracy Emin in Londen een onopgemaakt bed, met in de lakens vlekken veroorzaakt door drank en lichaamsvocht, met naast het bed overvolle asbakken, restanten van porno en aanverwante zaken. Toen de suppoost even weg was, maakten twee jonge Chinese kunstenaars van de gelegenheid gebruik voor een kussengevecht. Ze gebruikten het bed als trampoline.

Bij een expositie van kunstenaarsmeubelen van Paul Beckman in Museum Boijmans van Beuningen gebruikten een jongen en een meisje een sculptuur dat 'duidelijk het aanzien had van een keurig opgemaakt bed', om daarop 'hun natuurlijke wil met elkaar te doen', zo verhaalde Gerard Reve later.
Dit voorbeeld en nog enkele werden zondag aangehaald door kunstcriticus Huub Mous, bij de opening van de foto-expositie van Dolph Kessler in Kunstruimte Wagemans in Beetsterzwaag. 'Het tentoonstellen is kunst aan het worden. En omgekeerd: kunst wordt de kunst van het tentoonstellen.' Iets soortgelijks constateert hij in de foto's van Kessler. 'Er tolt iets rond in deze foto's. zoals in kunst van onze tijd al heel lang iets aan het rondtollen is.'

Tussen 2006 en 2009 fotografeerde Kessler wereldwijd op belangrijke kunstbeurzen, zoals Frieze Art Fair in Londen en Art Dubai. Hij richtte zich toen op theatrale interactie tussen de tentoongestelde werken, galeriehouders en publiek. Dit resulteerde in het boek 'Art fairs'.

In Beetsterzwaag toont hij het vervolg op dit project: 'Art fairs revisited'. Dit keer beperkte Kessler zich tot kunstbeurzen in Nederland en Art Brussel en verlegde hij zijn focus. Al bij zijn eerste project was hem opgevallen dat in de opbouw en afbraak van de beurzen soms spontane installaties ontstonden. Onbedoeld worden soms kleine of grote kunstwerken gecreëerd met een link naar moderne kunst.

'Hij was er vanaf de eerste minuut, waarin nog geen kunst in beeld is en de lege stands hun zijwanden verwachtingsvol als open armen lijken uit te spreiden voor de werken die onderweg zijn. Vervolgens wordt die leegte langzaamaan gevuld met kisten en in noppenfolie verpakte werken', schrijft Robbert Roos (hoofdcurator van Kade in Amersfoort) in zijn bijdrage aan het boek.

Soms twijfelde Kessler zelf. Zoals bij een ruimte met opgestapelde pallets. 'Ik liep er langs en wist niet zeker of dit een kunstwerk was of niet. Toen ik later terugkwam, was er een boekwinkel ingericht.'

En dan dat kunstwerk dat bestaat uit twee stoelen en een rood, een zwart en een blauw vlak. Zo op het eerste gezicht stonden hier dozen die nog uitgepakt moesten worden. 'Toen ik na vier dagen - aan het eind van de beurs - nog eens passeerde had iemand er die voorste doos tegenaan gezet. Daarvan heb ik een foto gemaakt.'

'Art fairs revisited' bestaat uit twee delen. Het eerste bevat 41 stillevens. Na de bijdrage van Roos volgt een tweede deel waarin wel mensen figureren. Zij zijn degenen die de stand inrichten of ontmantelen. Handelingen die erg op elkaar lijken, alleen door minuscule aanwijzingen van elkaar te onderscheiden, zoals de rode stickertjes van 'verkocht'. (zie foto)

Dit verhaal stond woensdag 16 oktober in de Leeuwarder Courant.

24 oktober 2010

Laatste week


















(foto Marrigje de Maar)

Fotomanifestatie Noorderlicht duurt nog een week, tot 31 oktober. Gisteren heb ik een reisje gemaakt door het 'buitengebied', langs galeries in Gorredijk en Beetsterzwaag en museum Belvédère in Oranjewoud. Een vruchtbaar reisje, al was het niet alles fotografie wat de klok sloeg.

Volgens het programmaboekje zou Galerie Hoogenbosch in Gorredijk nog tot 31 oktober interieurfoto's van Frederique Masselink laten zien. Helaas was dat niet meer het geval. Er was net een nieuwe expositie geopend met werk van Piet Moerman uit Kortrijk en Donnie Gerhardus uit Doesburg. Moerman schildert voornamelijk de Belgische kust, dik opgebracht met veel plastiek. Gerhardus brengt verf en kit in laagjes op, waardoor een doorzichtige, glasachtige laag ontstaat. De kleurrijke taferelen krijgen hierdoor een derde dimensie. De toeschouwer lijkt taferelen van supermarkt of galerie door een matglas te zien.

In Kunstruimte Wagemans was nog een selectie te zien van interieurs die Marrigje de Maar in 2005 in China fotografeerde. Hoewel er op haar foto's geen mensen staan, hebben de ruimtes toch een persoonlijkheid. Bonte verzamelingen doeken, kleden, potten en pannen, kleding en andere voorwerpen geven de kijker stof tot nadenken. Dat de foto's tussen andere kunst hingen, werkte soms wat rommelig maar dat paste wel bij de inhoud. Raadselachtig was het feit dat een foto in een lijst met glas hing, terwijl de andere allemaal zonder bescherming in baklijsten werden getoond.


















(foto Linus Harms)

Tot slot de kunstenaarssportretten van Linus Harms in museum Belvédère. Ik liep naar binnen tegelijk met de maker, die gasten zijn werk wilde tonen. Ook toevallig. In eerste instantie mocht Harms een eigen kabinet in het museum vullen, maar deze week waren zijn portretten verhuist naar een wand in het restaurant. Harms maakte de foto's voor het blad MB, dat het museum uitgeeft. Een vierkant formaat, waarvoor hij kleinbeeld digitale beelden bijsneed, vertelde hij. Dat digitale was vooral op de wat overbelichte plekken te herkennen. Maar qua diversiteit al een aardige serie.