6 mei 2021

Steeds vooraan bij Eurovisiesongfestival









(FOTO JASPER JUINEN)

Op 18, 20 en 22 mei staat Rotterdam in het teken van de halve finales en finale van het Eurovisiesongfestival 2021. Het is de vijfde keer dat Nederland het festival organiseert. De afgelopen 65 jaar stond de fotopers altijd vooraan en dat levert een mooi overzicht op in Eurovisiesongfestival 65 jaar zingen.

In het boek – uitgegeven door het beeldmagazine Hollandse Beelden – staan foto’s van alle Nederlandse deelnemers van de afgelopen 65 jaar. Van de eerste zangeressen Corry Brokken en Jetty Paerl tot verliezend half-finalisten als Hind, De Toppers, de 3JS en Glennis Grace. Bij elk van hen staat vermeld hoeveel punten ze kregen voor hun liedje, welke plaats ze wisten te halen en wat er met hen gebeurde na het songfestival. Het fotoboek heeft – toepasselijk – het formaat van een klassiek 45-toeren singletje.

Het biedt niet alleen een mooi overzicht van artiesten, maar ook van outfits en de aankleding van de podia. Je ziet het evenement groeien van ‘vocaal verantwoord onderonsje’ tot een ‘multimediaal amusementscircus’ dat wereldwijd bijna 200 miljoen kijkers aan de buis gekluisterd houdt.

Tot 1968 traden de Nederlandse artiesten nog keurig op in galajurk of pak naast een orkest. Maar na Ronnie Tober werd de invloed van de nieuwe tijd zichtbaar in de wijde mouwen van Lenny Kuhr, de minirokken van Hearts of Soul en de broekpakken van Saskia en Serge. ‘Hippies’ Mouth en MacNeal behaalden in 1974 de derde plaats met hun I see a star. Het jaar dat ABBA won met Waterloo. Evenmin in galakleding.

Voor het boek is gebruik gemaakt van foto’s uit allerlei bronnen. In de beginperiode zijn dat het Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid, en persbureaus als Spaarnestad en ANP, en de archieven van individuele fotografen. In de beginjaren stond Inez van ’t  Hoff vooraan. En Harry Pot was de gelukkige die winnaar Teach-In mocht vereeuwigen in de Zweedse sneeuw. Persoonlijke anekdote: ik had als scholier pianoles van de man met de breedste baard, Ard Weeink.

Herman Pieterse bezocht jarenlang de nationale finales, internationale generale repetities en finales, en portretteerde maar liefst negen Nederlandse deelnemers: Maribelle, Frizzle Sizzle, Marcha, Justine Pelmelay, Humphrey Campbell, Ruth Jacott, Willeke Alberti, Maxine en Franklin Brown, en Mrs. Einstein. De laatste jaren duiken meer typische persbureaus van de showbusiness op zoals EPA en Kippa.

De redactie heeft gekozen voor een mooie mix van persfoto’s, beelden van de nationale finales en van het uiteindelijke festival. Ze heeft daarbij vooral gezocht naar Nederlands fotografietalent en dat gevonden in onder anderen het werk van Rick Nederstigt, Ilvy Njiokiktjien en Sander Koning.

Natuurlijk draait alles in de show om het ‘mooie plaatje’ en is er voor fotografen minder persoonlijke eer aan te behalen. Koning maakte wel een verrassende foto van Waylon op Praça Dom PedroI V in Lissabon, waar hij een straatoptreden geeft. En ook zijn foto van Douwe Bob met entourage na het behalen van de finale is een wat minder voor de hand liggend beeld. Maar de meest opvallende foto in dit boek is die van Marlayne na afloop van haar optreden in Jeruzalem in 1999, gemaakt door Jasper Juinen. Niks glamour, alleen een dromerige glimlach en vermoeide voeten.

Eurovisiesongfestival 65 jaar zingen is een uitgave van Hollandse Beelden. Redactie: Leo Blom en Roel Rozenburg. Prijs: 17,50 euro (132 blz., 68 foto’s). www.hollandsebeelden.nl

(dit artikel verscheen op 30 april in de Leeuwarder Courant)

27 april 2021

Ochtendstond

 








Anderhalve week geleden vierden we de verjaardag van Jan. Dat deden we in Eenrum. Het was nog vroeg toen ik zondagmorgen even de camper uit moest. Toen ik zag hoe mooi mistig het was, kon ik het niet laten even de telefoon te pakken voor een snelle foto. De blik over de Eenrumermaar richting Eenrum.

6 april 2021

Miltvuurbosjes









Veel lezers zullen ze nog kennen, die aparte groepjes bomen in een verder leeg landschap. Miltvuurbosjes, waar je als kind niet mocht spelen. Waar kadavers lagen begraven en een geheimzinnig aura omheen hing. Fotograaf Janne van Gilst van het Zeeuwse Noord-Beveland is gefascineerd door deze ‘onzichtbare tekens in het landschap’.

Het is zeker vijf jaar geleden dat ze een televisieprogramma zag over dergelijke landschapselementen. Hierin kwam Jacob van der Vaart van de Fryske Akademy aan het woord, sociaalgeograaf uit Broek. Nadat Van Gilst drie jaar had gewerkt aan een project over werkpaarden, wilde ze iets nieuws. Ze besloot onderzoek te doen naar miltvuurbosjes en begon deze te fotograferen. Analoog, dus op film.

Afgelopen zes weken deed Van Gilst tijdens een residency in Kunsthuis SYB verder onderzoek en sprak Van der Vaart. Rond Beetsterzwaag zelf zag ze eerst door de bomen de bosjes haast niet. Maar toen ze mensen op straat vroeg of die het fenomeen kenden, kwamen de verhalen los. Bovendien vond ze er zelf een aantal bij Gorredijk. ,,Toevallig bleek Opsterland een van de meest door miltvuur getroffen gebieden van Nederland te zijn.’’

Na een oproep in lokale media stond de telefoon roodgloeiend. Het onderwerp leefde, zoveel was duidelijk. Van Gilst nam een aantal interviews op en printte haar foto’s met cyanotypie. Deze techniek werd in 1842 ontdekt door John Herschel. Ammoniumijzercitraat en kaliumhexacyanoferraat veranderen onder fel licht in Pruisisch blauw. Anna Atkins bracht indertijd boeken uit waarin ze met deze methode varens en andere planten beschreef, zij wordt daarom wel gezien als eerste vrouwelijke fotograaf.

De negentiende-eeuwse techniek stamt uit een tijd dat boeren hun door ziekte (tyfus, longpest of miltvuur) getroffen vee nog met ongebluste kalk bedekten en op eigen land begroeven. Vaak groeven ze er een sloot omheen, zodat niemand erbij kon komen, en ze plantten bomen op zo’n massagraf als waarschuwing voor de besmettingshaard. De sporen van anthrax of miltvuur kunnen immers nog eeuwen goed blijven. De ontwikkeling van het enten maakte in 1855 een eind aan deze praktijk.

De kennis over miltvuurbosjes zal met de tijd verdwijnen. ,,Omdat de vergoeding voor schade bij miltvuur laag was, werd deze haast niet aangevraagd. Dus is er nauwelijks registratie over te vinden.’’ Ook de negatieven van Van Gilst hebben niet het eeuwig leven, en de blauwdrukken zullen onder invloed van licht langzaam vervagen. Zo sluit haar serie niet alleen aan bij Atkins fotografie van planten, maar geeft Van Gilst haar verhaal op passende wijze vorm. Als een langzaam vervagend mysterie.

(Dit artikel verscheen vrijdag 26 maart in cultuurbijlage Freed van de Leeuwarder Courant)

24 maart 2021

Nightflight



















Flight into the night heb ik deze foto genoemd. Ik stuurde hem vorig jaar in voor de Life Framer wedstrijd, waarop ik een abonnement had genomen. Ik vond dat ik mezelf moest uitdagen om nieuw werk te maken, en met mijn aanmelding had ik elke maand een thema waar ik foto's bij kon maken of zoeken uit mijn archief.

Toen ik me inschreef in januari 2020 was het thema night life. Vandaar deze foto. Maar ik maakte weinig kans, denk ik. Als ik het werk van de winnaars van de afgelopen keren bekijk, is alleen een mooie, losse foto niet genoeg. Het plan om daaraan te gaan werken, schoot er afgelopen jaar bij in. Maar nu ik de foto zo zie, denk ik dat die wel gaat passen bij mijn Starling Stories.
 

10 maart 2021

Beautiful birds


 

 

 

 

 

 

De afgelopen weken bleven de spreeuwen maar vliegen boven de Houtwiel bij Feanwâlden. Natuurlijk kan ik niet alle avonden die kant op om te zien of ze mooie figuren maken in de lucht, maar ik ben gegrepen door het virus. Als het werk en het weer het toelaten, probeer ik er te zijn. Op 7 maart werden we getrakteerd op een serie heel bijzondere formaties, zoals deze.

Als ik al mijn foto's zo op een rijtje zie, dan valt er een heel verhaal te vertellen over deze ongelooflijke samenkomsten. Daar ga ik me de komende tijd mee bezig houden, en ik zal jullie laten weten waar de resultaten te zien zijn. Kijk ondertussen ook eens op de websites van andere fotografen, die werk maken van dit onderwerp, zoals Johannes Bosgra, Laura Zwaneveld en Marcel van Kammen. Bovendien schreef Elisabeth Post een mooi artikel in de Leeuwarder Courant over de fascinatie voor het spreeuwenballet.


24 februari 2021

Protte protters









Het is al weken een dagelijks terugkerend ritueel: duizenden spreeuwen verzamelen zich voor de nacht in de Houtwiel bij Feanwâlden. Het zijn er echt onnoemlijk veel. De ene avond zitten ze vooral in bomen of op elektriciteitsmasten voor ze zich in het riet en de struiken laten vallen. De andere keer vliegen ze langere tijd boven het natuurgebied en maken ze prachtige figuren. Vooral als slechtvalken proberen een prooi te bemachtigen en de vogels uit elkaar drijven.

Er zijn fotografen die hier - net als de spreeuwen - haast dagelijks komen en inmiddels een enorm archief hebben opgebouwd. Johannes Bosgra won al verschillende prijzen met zijn serie 'Murmurations'. Laura Zwaneveld verkoopt werk waarin de spreeuw(en) een belangrijke rol spelen. En Marcel van Kammen zoekt nog altijd naar die ene witte spreeuw, die hij ooit wist te spotten tussen al die zwarte gevederde vriendjes.

Ik probeer af en toe ook de mooie bewegingen vast te leggen, maar niet met het idee dat ik er iets mee moet. Dat geeft wat meer rust, en het biedt ook de gelegenheid gewoon te kijken en te genieten. Want het is prachtig. Niet alleen om te zien, maar ook om te horen. De groepen die vlak boven je hoofd vliegen, soms rustig, soms met veel vaart. En dan dat pruttelende geluid...

In het Fries heet een spreeuw 'protter'. Dat lijkt een onomatopee, een klanknabootsing als naam. Maar het Friese woord voor 'veel' is 'in protte'. En dat past dan ook weer heel goed bij zo'n zwerm spreeuwen.






23 februari 2021

Raam(en)


 







Het gebeurt niet zo vaak dat ik zelf foto's maak bij mijn verhalen voor de Leeuwarder Courant. Maar dik een week geleden was het gewoon handig dat wel te doen. En ik vind de Broerekerk in Bolsward een mooie plek, dus dat trok ook.

Wat was het onderwerp?

Daniël Nauta uit Bolsward had van de Stichting Bolswards Historie opdracht gekregen een nieuw koorraam te ontwerpen. De kerk werd in 1980 door brand verwoest. De ruïne werd na zes jaar opengesteld voor publiek en kreeg in 2006 een glazen overkapping, ontworpen door architect Jelle de Jong. Zo ontstond een heel lichte ruimte, waar allerlei culturele activiteiten plaatsvinden, zoals exposities, voorstellingen en optredens. De daken van de kantoren en winkels naast de kerk waren echter nog te zien en dat stoorde.

Inspiratie?

Het invallend licht van boven stelde bepaalde eisen aan het ontwerp. De kerk zelf was voor Daniël Nauta de inspiratiebron. De vormen en het reliëf in de stenen, de kleuren van de wanden en vloeren. In het meer dan 8 meter hoge raam zit een opbouw van meer aardse tinten onderin tot een helder blauw in het topje. Een witte slingerende lijn symboliseert de geschiedenis van de kerk, die in de dertiende eeuw werd gebouwd door minnebroeders.

Foto

Bij het maken van de foto was al dat licht een handicap. Maar het werkte ook in mijn voordeel. Eerst probeerde ik Daniël te portretteren met het raam zo groot mogelijk op de achtergrond. Maar op een gegeven moment wierp hij een mooie schaduw op de linkerwand in het licht dat door een zijraam viel. Het nieuwe koorraam werd weerspiegeld in een linkerzijraam, dus dat leverde een gelaagd beeld op. Een spel met licht en schaduw en verschillende ramen. 'Prachtige foto', appte Daniël. 

Vervolg?

De officiële presentatie van het raam laat vanwege corona op zich wachten. Maar vandaag sprak ik kunstenaar Anne Feddema. Hij vertelde dat hij de foto uit de Leeuwarder Courant had geknipt. 'Ik moest er een tijdje naar kijken', zei hij. Foto's uitknippen doet hij vaker, bijvoorbeeld als daarop wandelende mensen zijn. Ze dienen ter inspiratie voor zijn schilderijen (vele daarvan zijn binnenkort bij melklokaal in Heerenveen te zien). Ik ben benieuwd wanneer ik iets van mijn werk herken in het zijne. 

22 februari 2021

Panorama



In deze blog lijkt de foto heel klein, maar als je 'm aanklikt zie je wat de bedoeling is. In een serie van vier foto's heb ik het atelier van Eja Siepman van den Berg in Beetsterzwaag gefotografeerd. Dat is inmiddels al bijna een jaar geleden.
 
Door corona voelde het eerst niet goed om mensen te vragen hun werkruimtes voor me open te stellen. Het kost wel even om uit te dokteren hoe je de foto's moet maken, om zo'n geschakeld panorama goed te krijgen. Daarna was de druk ook wat van de ketel, omdat allerlei bestaande exposities werden doorgeschoven en de opdrachtgever geen haast had met dit project.
 
Nu lijkt er toch weer schot in te komen. Dit voorjaar hoop ik nog vier ateliers te fotograferen van schrijvers en kunstenaars in Friesland.