Posts tonen met het label Tryntsje Nauta. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Tryntsje Nauta. Alle posts tonen

8 augustus 2011

Verstilling verstoord













Fotograaf Tryntsje Nauta heeft een serie portretten gemaakt van studenten aan het Willem Barentsz Instituut op Terschelling. Wekenlang leefde ze onder de jongeren aan deze zeevaartschool. Er zitten vooral jongens op, maar ook een handvol meisjes waagt zich aan deze opleiding. 'Ik ken geen enkele zeevrouw die niet met een collega de liefde heeft bedreven', zingt Meindert Talma over deze vrouwen.

Nauta vroeg hem liedjes te componeren bij haar beelden. Talma koos ervoor een eigen bundel te maken, die gaat over de veranderingen in de zeevaart. Hij schreef vooral eigen teksten, maar maakte ook gebruik van een gedicht van Albertina Soepboer en een gedicht van Rodhan Al Galidi. Bovendien 'ripte' hij - zoals hij zelf in de verantwoording vermeldt - stukjes uit interviews met de oude Amsterdamse zeeman Evert Hoedemaker. Deze komen uit een OVT-radiodocumentaire van de VPRO.

De wat nasale stem van Meindert, de verstilde portretten... ze doen denken aan een stilte voor de storm. Het echte leven moet nog beginnen. Aan de andere kant is het al in lijn met het leven op zee, dat stil en eenzaam kan zijn. Vaak heeft een Nederlandse officier slechts een kleine en compleet buitenlandse bemanning aan boord. Qua sfeer passen muziek en beelden bij elkaar.

De portretten van de zeelieden in opleiding, afgewisseld met hun uitzicht op zee en de teksten van Meinderts liederen zijn in 'De zee roept' echter op verschillende paginagroottes gedrukt. Daardoor zie je soms al een arm of een kruin van de ene, achter of boven de kleiner afgedrukte foto's of teksten uit. Ik kon niet ontdekken waarom de een kleiner en de ander groter gedrukt is, al zou het negatiefformaat leidend kunnen zijn geweest. Maar dat klopt dan weer niet overal. Deze vormgeving (door Jelle Post) leidde een beetje af van die verstilling en dat vind ik jammer.

De portretten zijn nog tot en met 4 september te zien in het Fries Museum (di /m zo, 11-17 u).

7 december 2010

Niet lachen













(foto Dolph Kessler)

Fotografie was in de tijd van Roelof Lammers (1853-1910) handwerk van de lange adem. Een geportretteerde moest soms minuten stil zitten, om de foto te laten slagen. Glimlachen was er daarom niet bij. Pas door de ontdekking van de ‘photographie instantanée' (1881) met zilverbromideplaten waren kortere sluitertijden mogelijk. Ook de flitslamp bood soelaas.

Lammers was een van de eerste fotografen in Friesland. Al in 1871 – als zeventienjarige – had hij een eigen fotoatelier in Drachten. Publiek kan in Museum Smallingerland zijn werk vergelijken met dat van een nieuwe generatie Friese fotografen.

Tryntsje Nauta sluit met haar portretten van kinderen (uit 2006) nog het meest aan bij de traditionele foto's van Lammers. Omdat zij geen flitser gebruikt, moesten de jongeren soms relatief lang stil zitten. Daarom ook hier serieuze gezichten.

Nauta wil in haar kinderportretten laten zien dat kinderen 'jong moeten en oud willen zijn', zoals ze dat verwoordt. In hun pose doen ze soms volwassener aan dan ze zijn, maar je ziet dat ze op het punt staan naar buiten te rennen om verder te spelen.

In haar portretten legt Marije Kuiper meer de nadruk op dat wat haar onderwerp beweegt; hobby of werk. Na een tijd buiten Friesland te hebben gewoond, keerde ze vorig jaar terug in haar geboortedorp Vinkega. Ze zocht naar een afstudeerproject voor de Academie voor Popcultuur waar ze helemaal achter kon staan.

Toen haar bleek dat anderen hun dromen ‘gewoon' in het eigen dorp waarmaakten, besloot ze hen te fotograferen. Gaandeweg boden meer en meer dorpsbewoners een kijkje in hun leven. Zo slaagde Kuiper erin een bijzonder portret van Vinkega te maken en daarmee ook haar eigen weg te vinden in de fotografie.

Dolph Kessler (niet meer zo jong, maar pas een paar jaar actief als fotograaf) laat enkele van zijn foto's uit de serie Art Fairs zien, gemaakt op internationale kunstbeurzen. De toeschouwer wordt even op het verkeerde been gezet door een paar foto's van de Frieze Art Fair. Niet in Friesland, maar in Londen.

Kessler weet momenten te kiezen waarop de galeriehouders, kunstenaars of beursbezoekers een soort toneelstukje lijken te spelen. De relatie die ze daardoor onbedoeld aangaan met de kunst achter hen is soms komisch, soms bijna tragisch.

Ook niet van tragiek gespeend zijn de foto's van Marijke van Ruiten. Haar presentatie wijkt af van die van de anderen. Op een scherm is een kort filmpje te zien. Door de zoeker van haar analoge camera filmde ze een man die op portret gaat. Hij trilt en weet niet goed waar hij moet kijken, in afwachting van de fotograaf.

In de collage van papieren foto's in verschillende groottes gebruikt ze teksten, waarmee ze de kijker 'medeplichtig' maakt in haar honger naar een verhaal. Behalve dat ze laat zien hoe thuislozen in woonvoorziening De Terp wonen, verwoordt ze ook wat ze daarbij ervoer. Ze maakt anderen deelgenoot van haar vooroordelen, beschrijft de pieslucht rond de een en het stilzwijgen van de ander. Dat maakt indruk, al doen taalfouten in haar briefjes daar jammer genoeg afbreuk aan.

De expositie 'Friesland Fotografie Nu' is te zien in Museum Smallingerland in Drachten: t/m 11 feb, di t/m za, 11-17 u, zon- en feestdagen, 13-17 u

24 juli 2010

Rob Hornstra













Een man met een missie, Rob Hornstra. Hij had een vooruitziende blik toen hij na zijn afstuderen in Rusland ging kijken. Na zijn boek '101 Billionaires' bedachten hij een schrijver/filmmaker Arnold van Bruggen dat het interessant zou zijn de veranderingen in Sochi te volgen. Zijn Sochi Project neemt steeds omvangrijker vormen aan, nu het via Facebook en een weblog te volgen is.

Sochi is het toneel van de Winterspelen in 2014 en dus moet daar van alles gebeuren. Maar deze stad in de Kaukasus ligt op de grens van Georgië en Abchazië, met vlakbij de verarmde deelrepublieken Tsjetsjenië, Tsjerkessië en Noord-Ossetië. De oorlog tussen Georgië en Abchazië heeft zijn sporen nagelaten en de komst van hotels, moderne infrastructuur en duizend prefab-huizen voor de arbeiders die dat allemaal gaan bouwen, zullen het aanzien van de streek ingrijpend veranderen.

'Slow journalism' noemt Hornstra het op zijn site. In vijf jaar proberen ze er twee keer per jaar een maand rond te trekken om de veranderingen vast te leggen, mensen te volgen die voor de nieuwbouw hun huizen uit moeten, datgene te registreren dat er straks niet meer is. Een loflijk en kostbaar streven, dat hij financiert door de verkoop van foto's via een galerie, fondsen en partnerships, publicaties en 'community funding'. Iedereen kan een steentje bijdragen en de teller loopt.

Gisteren en vandaag (23/24 juli) was hij in Leeuwarden te gast bij Foto Leeuwarden. Hij hield een lezing en een masterclass. Zestien belangstellenden lieten zich overspoelen met informatie over dit project, over het samenstellen van een publicatie (boek of krant) en over zijn werkwijze als fotograaf. Hij voorzag portfolio's van commentaar en ging in op allerlei vragen. Maar vooral pleitte hij voor documentaire fotografie.

En je kunt van zijn foto's zeggen wat je wilt, dat de portretten niet allemaal even sterk zijn, dat ze soms slordig zijn. Maar wat is het een interessante investering om een streek en verschillende mensen zo lang te volgen! Dat bleek ook uit enkele andere projecten die de revue passeerden, zoals de portretten die Tryntsje Nauta maakt van haar vader die afscheid moet nemen van zijn boerderij. Of de foto's van Marijke van Ruiten die bewoners van het asielzoekerscentrum in Dokkum fotografeerde. Het centrum - eveneens onderwerp van de reportage - is inmiddels gesloten. Maar sommige mensen volgt ze nog. Iedereen die het aandurft tijd, energie en geld te steken in dergelijke projecten verdient alle aandacht.